Close

Wanneer ben je er klaar voor?

Het leek me leuk om eens te duiken in de vraag ‘wanneer ben je klaar voor kinderen?’. Het wordt me regelmatig gevraagd en ik antwoord steevast iets als ‘weet ik veel, we deden het gewoon’ (pun intended). Maar door de artikels die ik schreef over slow leven en wat je zo al inlevert door een gezin werd ik min of meer gedwongen om na te denken over een beter antwoord. So here it is, het antwoord op de vraag wanneer je klaar bent voor kinderen. Of je er tevreden over bent is aan jou :-).

Boaz en ik zijn sinds 2009 bij elkaar, nu dus negen jaar. In die eerste jaren duwden we het onderwerp ‘kinderen’ ver voor ons uit. We waren jong, trouwden, reisden veel, werkten veel, en het was gewoon goed zo. Ik heb nooit een idee gehad over de leeftijd waarop ik kinderen zou willen, maar ik had zeker niet het doel om ‘jong’ moeder te worden.

Ergens rond 2013 begon er iets bij ons te kriebelen. We waren op roadtrip naar Denemarken en Boaz las een boek over man zijn en vaderschap, en dat leidde tot wat gesprekken over de toekomst. Het beeld van Boaz als vader leek me opeens heel aantrekkelijk – ik denk dat dat met name de reden was dat ik het begon te overwegen. Ik kon mezelf nog niet goed als moeder voorstellen, maar het was vele malen makkelijker om Boaz al te zien als toekomstige vader. Toen al wist ik dat hij er ontzettend goed in zou zijn, ik zag op dat moment al de vader in hem.

In dezelfde periode stopte ik (om andere redenen) met de pil en later dat jaar bleef, onbedoeld, mijn menstruatie uit. Binnen een paar dagen wende ik aan het idee dat ik zwanger was, maar het eindigde helaas vroegtijdig. We hadden nog helemaal geen besluit gemaakt over het hoe en wanneer van een gezin, maar door deze gebeurtenis kwamen we wel in een soort stroomversnelling. Ik denk dat het vrouw eigen is, maar ik was meteen helemaal ‘om’. Het idee dat er iets groeide was voor mij reden genoeg om al mijn twijfels aan de kant te zetten, en nu wilde ik meteen door. Er ging een lichtje bij me branden, ik wist opeens dat ik inderdaad moeder wilde worden.

Dat voorjaar vertrokken we voor een paar weken naar Amerika en daar hebben we er heel veel over kunnen praten. Ik was intussen al flink ongeduldig en wilde gewoon ‘aan het werk’ so to say, maar Boaz bleef het lastig vinden om zich aan zo’n grote keuze te committen. Het ís ook een hele verantwoordelijkheid, en achteraf ben ik er wel blij om dat hij het zo serieus nam, alleen was het voor hem vooral een issue dat hij zijn vrijheid moest opgeven (dacht hij). Ik vond dat voor mezelf niet erg – ik heb nooit moeite gehad om een bepaalde fase achter me te laten. Ik heb me best vermaakt tijdens mijn tiener/studententijd, maar ik vond het ook geen probleem om dat af te sluiten. Elke nieuwe fase heeft iets moois.

Uiteindelijk, aan het einde van de reis, durfde Boaz helemaal ‘ja’ te zeggen. Het ging toen niet vanzelf, helaas. Ergens hoopte (verwachtte?) ik dat ik ook meteen zwanger zou zijn, maar het duurde nog een half jaar. Dat half jaar leek wel tien jaar. Het is tergend om elke maand bang te zijn voor je ongesteldheid. Mijn cyclus was compleet in de war na wat er daarvoor was gebeurd, en ik had soms cycli van wel zestig dagen. Net op het moment dat we onderzoek wilden laten doen naar de oorzaak bleek ik, jawel, zwanger. In de vroege ochtend, sommigen in ons huis vinden dat het nog nacht was, ik noem geen namen, hield ik een positieve test voor Boaz z’n slaperige ogen. Opgelucht, opgelucht, opgelucht.

Deze foto namen we de ochtend dat we besloten ‘zwanger te worden’, in Joshua Tree in Californië. 

Maar even terug naar het ‘wanneer waren jullie er klaar voor?’. We hebben er van tevoren goed over nagedacht, zoveel weet je nu. Ik heb moeten wachten tot Boaz zover was – het lijkt me vrij essentieel dat je er samen hetzelfde over denkt, maar ook dat je elkaar de tijd gunt om tot dat besluit te komen. We hadden op dat moment een stabiel huwelijk (oh wacht, dat klinkt alsof dat nu niet meer zo is, heus wel hoor), een stabiel inkomen, en een huis met een kamer voor een baby. Dat leek ons een praktische basis die goed genoeg was. Mijn moeder zei altijd dat je alle seizoenen moet doorlopen voor je een levensveranderende keuze maakt, en in onze relatie hadden we lente, zomer, herfst en winter doorstaan, zowel letterlijk als geestelijk.

Weet je ooit of je er klaar voor bent? Waarschijnlijk niet. Je weet namelijk niet hoe het is om een gezin te hebben. Je hebt geen idee van te voren, zélfs niet als je je hele tienertijd op baby’s hebt gepast (believe me). Voor mij was het niet zozeer de vraag wanneer ik een gezin wilde beginnen, maar waarom. Wil ik echt moeder worden? Ben ik bereid om mijn tijd en leven in dienst te stellen van mijn toekomstige kinderen? Besef ik me dat ik hiermee de fase van zelfstandigheid en onafhankelijkheid opgeef? Want dat zal de allergrootste verandering zijn. Je leven is niet meer van jou alleen.

Hoort kinderen krijgen bij het leven? Eeuwenlang was het volkomen vanzelfsprekend dat je als man en vrouw kinderen kreeg, of zoals ze dat chic zeggen: ‘nageslacht’, maar tegenwoordig is het geen morele verplichting meer. We mogen kiezen. Het zou niet heel handig zijn als iedereen besluit kinderloos te blijven, daar krijgen we praktische problemen van (en de wereld is ook vol, i know), maar we hebben nu wel de mogelijkheid om te zeggen dat we liever geen moeder of vader willen worden. Dat is oké.

Ik heb wel eens mensen gesproken die zo rond de 33, 34 begonnen te denken ‘o ja, wacht, als ik het nog wil, moet het wel nu’ en dus stopten ze met de pil en probeerden ze zwanger te worden. Als ik vroeg waarom ze graag kinderen wilden was het meestal iets als ‘ja, dat hoort er bij, hè!’.

Dat is best verdrietig, toch? Ik ben er zelf meer van dat het een weloverwogen, uit liefde gemotiveerde keuze mag zijn. Ik wilde een gezin omdat daarmee onze liefde uitgebreid werd, omdat we gemaakt zijn om te creëren en liefde door te geven, en om onze kinderen te helpen groeien naar mooie en stabiele volwassen mensen. Mijn kinderen zijn mijn allergrootste geschenk, en de beste leerschool in het leven. Ik voel me compleet met Boaz en die twee koters (en alle andere kinderen die nog zullen volgen, ik wil een elftal) (grapje) (of niet?).

Had ik achteraf langer willen wachten? Ik was 26 toen ik beviel van Benjamin, dat is in veel ogen best jong. Ik mag het van Boaz nooit zeggen, voor hem is het een soort ontkenning van een bewuste keuze, maar ik had achteraf misschien nog een jaar of twee willen wachten. Maar dan alleen als ik daarna EXACT dezelfde kinderen had gekregen, natuurlijk. Het is gewoon zo dat ik misschien toch nog wel wat meer had willen reizen met z’n tweetjes. En harder had willen werken vóór Benjamin geboren werd in plaats van in zijn eerste jaar. Maar spijt heb ik natuurlijk niet. No way. 

Je bent er nooit helemaal klaar voor. Niets is ooit helemaal perfect getimed. Maar we wisten in ons hart dat de basis goed was, dat we het aankonden, en vooral – dat we het echt, echt, echt graag wilden.

Leave a Reply

Your email address will not be published.

%d bloggers liken dit: